Ik heb haar weer uit de kast gehaald. Hoewel ik haar nog maar pas had opgeborgen met het idee dat het voor enkele maanden zou zijn. Toch minstens tot het herfst is en ik in haar zachte warmte mag verdwijnen tijdens mijn winterslaap. Maar nu het zo’n koud en guur weer is vind ik mijn zachte roze wollen trui wel gepast om me van de nodige warmte te voorzien.

Voor ik mijn wollen zachte roze trui aan trek ruik ik er even aan. Ze ruikt niet meer als drie jaar geleden. Toen ik haar voor het eerst aantrok bij mijn eerste uitputtingsslag. Ze was toen nog nieuw en hemels zacht. Ik kan me haar geur nog goed herinneren. Net als hoe ik me toen voelde. Overprikkeld, angstig en uitgeput.
Wanneer ik mijn arm door haar armsgat steek schiet er een pijnscheut door mijn nekspieren. Ik heb mijn spieren de laatste weken te hard opgespannen door mijn schouders te hoog op te trekken. Dat deed ik om mijn oren te beschermen tegen de wind die de laatste tijd zo fel staat en koud is voor de tijd van het jaar. Maar ik trok mijn hoofd ook tussen mijn schouders om me te beschermen voor alles wat me kon raken.
Ik steek mijn andere arm door het andere armsgat en voel de eerste tranen sinds lang over mijn wangen rollen. Ik wil niet meer terug naar toen. Naar die eerste dagen waarop ik niet wist wat er met me gebeurde. Waarom mijn lichaam niet meer met me mee wou, ik overal pijn had en alleen maar kon slapen.
De herinneringen die in deze trui hangen schieten me te binnen wanneer ik haar over mijn hoofd trek. Ze zorgen voor een glimlach tussen mijn tranen. Ik heb met mijn handen in de aarde gewroet toen ik mijn eerste papavers zaaide, waardoor mijn roze zachte wollen trui zwart zag. Ze hield me gezelschap op familieweekendjes terwijl mijn metgezellen gingen wandelen en ik niets anders kon dan liggend in de zetel achter te blijven. Op die bewuste maandag, toen ik naar de PAAZ vertrok, lag ze bovenaan in mijn koffer. En wanneer ik daarna aan mijn herstel werkte en daarvoor de deur uit ging, wachtte ze geduldig tot ik terug thuis kwam. Als ik haar dan aantrok zonk ik weg in ontspanning, na een dag hard werken aan mezelf om te vermijden dat ik ooit weer in een burn-out terecht kwam.
De zachte wol van mijn roze trui glijdt verder over mijn huid. Ook nu nog voelt haar zachtheid als een omhelzing. Sinds ik haar de eerste keer aantrok, bracht ze me telkens weer tot rust wanneer er onrust heerste en ik niet meer voelde hoe het echt met me ging. Ik kon in haar wegzakken en al mijn emoties aan haar toevertrouwen. Ze troostte en luisterde zonder oordeel. In haar stilte was ze getuige van mijn proces van ziekte naar herstel.
Ik heb haar dus weer uit de kast gehaald, mijn wollen roze zachte trui. Ook al schijnt de zon buiten, is het midden mei en heb ik voor het derde jaar op rij papavers gezaaid. Ik heb me in haar gehuld om even te winteren in de lente. Want ook daar trekt zij zich niets van aan.